Slaap

Doorslaapproblemen, nachtrust en avondritueel.

Slecht slapen is voor veel vrouwen de eerste en meest slopende overgangsklacht. Het patroon is bijna altijd hetzelfde: je valt zonder problemen in slaap, maar wordt tussen 2 en 4 uur 's nachts wakker en komt niet meer weg. Dat komt niet doordat je iets verkeerd doet, maar door dalende progesteron- en oestrogeenspiegels die je slaapdiepte, temperatuurregeling en cortisolritme beïnvloeden.

In dit onderwerp leggen we uit waarom je slaap verandert, wat het verschil is tussen nachtzweten en gewoon wakker liggen, en welke aanpassingen in de praktijk het meest opleveren: temperatuur, avondroutine, cafeïne- en alcoholtiming, en waar magnesium wel en niet bij helpt.

Slaap is bovendien de hefboom onder de rest: minder slaap betekent meer trek, meer buikvet, kortere lont en meer brain fog. Beter slapen is daarom vaak de snelste manier om je andere klachten te verminderen.

Artikelen